The Intelligence Revolution en het einde van ‘Cogito ergo sum’​

The Intelligence Revolution en het einde van ‘Cogito ergo sum’​

Vandaag deel 3 in mijn speurtocht naar een nieuw verhaal. wat recht doet aan de uniekheid van de mens ten opzichte van de steeds slimmer wordende computer. Een verhaal wat past als we het moment van singularity bereiken. 

Singularity, wat is dat eigenlijk? Singularity is een moment in de tijd, waarop ontwikkelingen zorgen voor een enorme shift, die blijvende impact heeft op het leven van alledag. Je gaat dan bij wijze van spreken over naar een nieuw tijdperk. Het is een moment wanneer de generatie van voor de shift zich niet kan voorstellen hoe het erna aan toe gaat. En de generatie van na de shift zich niet kan voorstellen hoe het leven daarvoor was. Singularity is dus niet iets nieuws. We hebben die momenten al eerder gekend. Bijvoorbeeld de komst van electriciteit en van internet. Het verschil is wel, dat deze shifts steeds dichter op elkaar komen te liggen, doordat ontwikkelingen exponentieel sneller gaan. Dus binnen één generatie gaan we al van de shift van internet, straks over naar de volgende: het moment dat de intelligentie van computers de intelligentie van de mens overstijgt: The Intelligence Revolution.

Artificial Intelligence is ‘hot’. Finland neemt het voortouw in creëren van bewustwording, door het aanbieden van een open online course: Elements of AI. Gisteren maakte Duitsland bekent 3 miljard vrij te maken voor de ontwikkeling van AI. Om niet te ver achter te lopen bij landen zoals China en de VS. Het is een soort ratrace. We moeten er iets mee. En dus popt er overal vanalles op. Het idee van Finland vind ik overigens heel sterk. De online course – inhoudelijk goed, maar qua vorm behoorlijk saai – is een mooi begin om iedereen eenzelfde startpunt te geven. Een gezamenlijke definitie over wat het is en wat het niet is. Om vandaaruit bewust te worden van de impact ervan. Het helpt om niet heel onbeholpen te worden geconfronteerd met een nieuwe realiteit. 

Superintelligence; waar blijft de mens? Ok, deze nieuwe tijd draait om superintelligentie. Zijn we als mens dan afgeserveerd? Gelukkig niet. Want als je dieper kijkt naar intelligentie zijn er vlakken waar de computer straks sterker in is, maar zijn er gelukkig heel wat domeinen, waar we al als mens onverslaanbaar blijven.

Ik hoorde voor het eerst over het concept Meervoudige Intelligentie toen ik een opdracht deed in de kinderopvang. Het is een model wat in 1983 werd geïntroduceerd door de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner. Overigens is er geen wetenschappelijk fundament. Voor Gardner was het model geen doel, maar een middel om te kijken naar de verschillende kwaliteiten van het kind, om zo ontwikkeling op breed vlak te stimuleren. Vanuit die optiek helpt het ook in onze context. Want je ziet dat we als mens verschillende kwaliteiten hebben, en in vergelijking met de computer, valt meteen op, waar we onderscheidend kunnen blijven. 

Dit zijn de 8 verschillende intelligenties:

  • Verbaal-linguïstisch: gevoelig voor taal, goed in spreken/luisteren/lezen, functioneel taalgebruik, goed in grammatica.
  • Muzikaal-ritmisch: gevoelig voor geluid, toonhoogte en ritmevast, koppeling van emotie en geluid, goed geheugen voor muziek.
  • Intrapersoonlijk: zelfkennis, nadenken over eigen handelen, aanpassingsvermogen, persoonlijk ontwikkelen.
  • Interpersoonlijk: begrijpen van anderen, gevoelig voor stemming van anderen, in staat anderen te motiveren, sterk vermogen tot empathie.
  • Lichamelijk-kinesthetisch: sterk besef van eigen lichaam, sterke motorische beheersing, behoefte aan beweging, leren door te doen.
  • Visueel-ruimtelijk: goed geheugen voor beelden, leren door te kijken, sterk ontwikkeld topografisch gevoel, goed in staat emoties en ervaringen te visualiseren.
  • Logisch-Mathematisch: logisch nadenken, abstractie, onderzoekend, motivatie om de fysieke wereld te verklaren.
  • Naturalistisch-ecologisch: belangstelling voor de natuur, observatie en herkenning, verzamelen en ordenen, omgang met planten en dieren

Van alle 8 is er precies één die overlapt met het domein van de computer. In sommige domeinen zal AI zeker een rol spelen, maar er zijn ook veel verschillende die echt uniek zijn voor de mens. Met name interpersoonlijk & intrapersoonlijk.

Artificial Intelligence versus Multiple Intelligence

Een andere manier van kijken naar intelligentie. The Intelligence Revolution is dus niet het moment waarop we niet meer meespelen in het intelligentie domein, maar het moment waarop het nodig is om onderscheidend te zijn op de intelligentie vlakken waar de computer geen – of alleen een ondersteunende – rol speelt. Door op deze manier naar dingen te kijken, komen we ook weer terug bij de indeling van kennisniveaus die ik in het eerste artikel deelde: Verbeelding, Rede en Intuïtie. Waar AI een dominante rol speelt in de Rede, zijn we als mens nog steeds aan zet bij Verbeelding en Intuïtie.

En zo zal ook ‘Cogito ergo sum’ (‘Ik denk dus ik besta’) van René Descartes, niet meer geschikt als duiding van de mens in dit nieuwe tijdperk. In het nieuwe verhaal moeten we tot een andere conclusie komen.


My personal story: Pretty good at being a robot

My personal story: Pretty good at being a robot

Ik ben 50. Heb geleerd om hard te werken, goed mijn best te doen, onafhankelijk te zijn en ambitie te hebben. Ben opgegroeid in een goed milieu, waarin alles werd gedaan om mij een goede start in het leven te geven. En dat betekende een veilig thuis, een goede opleiding, raad en daad bij keuzes omtrent werk en toekomst. 

In mijn werk wil ik impact maken. Mensen in beweging krijgen. De kansen te zien, want die zijn er volop. En om mijn impact te vergroten werk ik harder, gooi er meer energie in, meer uren, nog meer volharding. En ……. niks. Of in ieder geval, niet wat ik ervan verwacht.

Ik heb geleerd hoe fijn het is om te leren. Ben daar best goed in. Ik hou er van, want leren is gaaf. Jezelf ontwikkelen en dingen mogelijk maken die je eerst niet voor mogelijk hield. Ik leer het liefst autodidact. Niet in een klasje, geen traditionele trainingen. Ik lees, google, kijk filmpjes, praat met mensen, stel vragen, experimenteer en dat allemaal door elkaar en keer op keer. Zo kom je vanzelf een heel end verder. Ik ben heel goed geworden in mijn brein gebruiken. Volpompen met allerlei dingen die handig zijn om te weten. En het vervolgens toepassen op de uitdagingen die zich voordoen.

Ik hou ook van boeken. Meer voor het hebben dan voor het lezen. Ik denk dat het omgeven met boeken misschien iets van zekerheid geeft. Je omringen met kennis, just in case…. Maar ook die boeken, meer en meer, elke week weer, helpen niet om die impact te vergroten.

En zo ben ik serieus op zoek naar een manier om impact te maken. De sleutel heb ik al even geleden gevonden. Meer impact, betekent meer emotie. Maar man, dat is een moeilijke kant. Keer op keer hoor ik weer dat ik meer van mezelf moet laten zien. De emotie er in moet brengen, en niet zoveel de controle moet houden. Maar waar zit die emotie? Hoe geef ik die de ruimte? Hoe voel ik het?

Ik ging mediteren. Rust in mijn hoofd dacht ik, dus ruimte voor gevoel. Ik ging naar de haptonoom. En ja, ik voel de handen op mijn lijf, maar wat ik voel in mijn lijf, is a very different story. Ik heb geen idee. Ik weet niet wat ik voel en kan er ook geen woorden aan geven. Blind of doof, maar dan anders.

Ondertussen herken ik bij mezelf de schijnbewegingen. In het Engels praten of schrijven bij voorbeeld. Een mooie taal, met woorden die raak zijn. Maar wel afstandelijker. Zo lijkt het makkelijker om iets te zeggen, maar is het toch tegelijkertijd minder van mij. De taal geeft me afstand, een soort veiligheid.

Op de weg naar het realiseren van ambitie – die is niet te stoppen, dus linksom of rechtsom is de weg – hoor ik van anderen hoe we geleerd hebben om in ons hoofd te zitten. Mijn hoofd heb ik lekker opgepompt. Ja, ik ben een verdomd goede robot geworden. Ik doe mijn ding, weet hoe het moet en ben zelfs een slimme robot, want ik weet mezelf keer op keer een beetje te verbeteren. Maar meer zijn dan een robot. Hoe kom ik daar? 

De conclusie? Ik ben bewust onbekwaam. Een mens die niet zo goed is in het menszijn. Terwijl ik zoek naar de betekenis van de mens, zijn de antwoorden steeds duidelijker. En terwijl ik ouder word, ben ik verder weg dan ik had gehoopt. Ondanks alle inzet. Een mens is een mens door de unieke verbinding van buik, hoofd en hart. Van verbeelding, rede en intuïtie. Om zo vanuit mijn gevoel te verbinden met mijn omgeving. Niet van hoofd tot hoofd, zoals een computer, maar van mens tot mens.

En dat is het verhaal van nu. Hoe we als mens verdomd goede robots zijn geworden, maar niet goed genoeg om de race tegen te robot te winnen. In het oppompen van onze rationele kant, hebben we ons onderscheidend vermogen verloren. Behalve die enkeling, die zich verbaast over de hardheid in de wereld. Terwijl iedereen kan aanvoelen, dat dat ons niks brengt. Zelfs rationeel weet ik dat het waar is.

Dit verhaal maakt onderdeel uit van mijn speurtocht naar het nieuwe verhaal. Een verhaal van nu, met vertrouwen in morgen. Een verhaal wat verbindt en verbeeldt.